Steeds meer bedrijven maken hun producten connected door middel van Internet of Things (IoT). Ook FrieslandCampina zette zo’n traject in met de slimme melkoplossing Lattiz. Bij de nieuwe generatie Lattiz-machines is het onder meer mogelijk om op afstand software-updates uit te rollen. Wat kunnen andere organisaties leren van dit project?

Een apparaat connected maken: 4 lessen uit de praktijk.

Lattiz is een professionele melkschuimoplossing voor de horeca. Met een druk op de knop produceert Lattiz melkschuim van een hoge en constante kwaliteit. Dit helpt ondernemers om altijd een perfecte melkkoffie te serveren, tijd te besparen en meer te verkopen. Zo hoeven werknemers de melk niet handmatig op te schuimen, wat tijd scheelt. Daarnaast is het maken van melkschuim met Lattiz veel eenvoudiger. Een nieuwe werknemer kan dus ook snel cappuccino’s en latte’s bereiden. Tegelijkertijd blijft het mogelijk om latte art te creëren. Luxe en lekkere koffie dus, maar dan makkelijk. 

De innovatie van Lattiz schuilt in de combinatie van de machine en een speciaal ontwikkelde melkverpakking. De melk wordt heel efficiënt opgeschuimd en hoeft niet gekoeld te worden, wat eraan bijdraagt dat Lattiz een 20 procent lagere CO2-voetafdruk heeft dan alternatieve opschuimmethodes. Daarnaast voldoet Lattiz aan de allerhoogste hygiëne-eisen. Er is geen contact tussen de barista, het melkschuim en de machine en daarnaast reinigt de machine zichzelf automatisch.


Ook uw producten connected maken?

Ook uw producten connected maken?

Lees in ons stappenplan welke stappen u moet zetten om een succesvol connected product te realiseren.

24 nov 2020

De vernieuwde Lattiz is connected

In 2015 werd de eerste versie van de Lattiz geïntroduceerd. Daarvan zijn er al meer dan 10.000 in gebruik, vooral in Nederland en België. Inmiddels is ook de tweede generatie Lattiz-machines op de markt. De nieuwe Lattiz is op diverse fronten verbeterd. Zo zit er nu een touchscreen op in plaats van knoppen, is de machine stiller en de kwaliteit van het melkschuim nog constanter over de gehele levensduur van de machine. De vernieuwde Lattiz bevat meer sensoren en is dan ook veel meer softwaregedreven. Software-updates zijn belangrijker dan ooit.

Als projectmanager van Lattiz is Janneke Tuinte een van de drijvende krachten achter de ontwikkeling van de nieuwe machine. Samen met Niels van der Putten, verantwoordelijk voor de ontwikkeling van de connected kant van Lattiz, blikt ze terug op het ontwikkeltraject. Welke uitdagingen kwam het team tegen en hoe kunnen andere bedrijven daarop anticiperen?

1. Denk groot, maar begin vooral klein

“Bij aanvang van het project waren onze verwachtingen over het connected maken van de Lattiz torenhoog”, vertelt Tuinte. “Ook vanuit verschillende consultancypartijen kwamen allerlei fantastische ideeën. Het concept werd alleen maar groter en groter, maar was totaal niet realistisch meer. Uiteindelijk hebben we dat helemaal teruggebracht naar remote toegang voor software-updates en inzicht in het machinepark.”

“Als je heel groot begint met een Internet of Things-oplossing, heeft iedereen binnen de organisatie er enorme verwachtingen van”, vult Van der Putten aan. “Zodra het concept dan kleiner en realistischer wordt, zie je dat het enthousiasme terugloopt. Software-updates zijn niet zo aansprekend voor het management. Het lijkt dan vooral op een IT-project. Om het interne draagvlak dan te behouden, moet je bij wijze van spreken bijna een app gaan bouwen zodat het project ‘sexy’ blijft.”

Volgens Van der Putten is het belangrijk om qua techniek zowel aan de korte als de lange termijn te denken. “Je moet een goed beeld hebben van waar je heen wilt, want de verkeerde technische keuzes beperken latere mogelijkheden. Tegelijkertijd moet je klein beginnen om het fundament te leggen, zodat het hele ecosysteem mee kan komen in de ontwikkeling. Daarom zijn we begonnen met ‘over-the-air’ software-updates. Met een groeiende connected vloot van Lattiz-machines kunnen vervolgens nieuwe diensten ontwikkeld worden, zoals remote service en remote recepten updaten. Deze worden samen met klanten en partners vraaggestuurd ontwikkeld en stap voor stap toegevoegd.”

2. Maak de voordelen tastbaar voor de business

“In het begin hebben we het concept heel breed ingestoken, waarna we een haalbaarheidsonderzoek hebben gedaan onder partners en klanten”, zegt Tuinte. “Daaruit bleek dat heel veel dingen niet realistisch waren of niet pasten binnen de bestaande processen van onze partners. Daarom zijn we gaan werken aan een roadmap, die begint met een technisch fundament voor vlootmanagement in Salesforce en ‘over-the-air’ software-updates. Hiervan waren de voordelen heel duidelijk.”

De projectmanager benadrukt dat de business direct profiteert van de mogelijkheid om op afstand updates uit te rollen. “We hoeven hiervoor nu niet meer fysiek naar de machine toe. In de oude situatie zou een partner de update bijvoorbeeld met een USB-stick op locatie moeten installeren. Dan maak je extra kosten en ben je bovendien sterk afhankelijk van de beschikbaarheid van partners en klanten. Zeker in het buitenland vertraagt dat de processen. Gezien het groeiende aantal machines en onze internationale ambities is remote toegang zeer waardevol.”

3. Onderschat de impact niet

Een IoT-project raakt allerlei processen, zowel binnen de organisatie als daarbuiten. “Als je zo’n connected device gaat introduceren, dan moet de hele keten mee”, licht Tuinte toe. “Dus niet alleen de fabrikant van de machine en de ontwikkelaar van de software, maar ook de servicepartners die gewend zijn aan een grotendeels mechanisch apparaat. Bovendien had dit project ook een grote impact op het Lattiz-team zelf. Van sales en marketing tot de klantenservice: alle neuzen binnen het bedrijf moesten dezelfde kant op.”

“Een connected device ontwikkel je dus niet in isolement”, zegt Van der Putten. “Het vergt een analyse van de gehele keten van processen door de organisaties heen en gaat van leverancier tot eigen organisatie tot partners en klanten. Het hele ecosysteem dus. Het heeft invloed op alles en de zwakste schakel beïnvloedt de uitkomst van het traject. De grootste uitdaging is dan ook om organisatorisch afstemming te hebben met de bijbehorende professionaliseringsslag die verder reikt dan de eigen organisatie. Je moet dus goed nadenken over de baten voor de organisatieonderdelen, partners en klanten, anders bewegen zij niet.”

4. Werk samen met een kennispartner

Tuinte adviseert andere bedrijven om bij een IoT-project samen op te trekken met een expertisepartner. “In de eerste plaats levert KPN de simkaarten en connectiviteit voor de nieuwe Lattiz. Daarnaast verloopt het beheer van de simkaarten via het platform van KPN. Maar eigenlijk was de rol van KPN als objectieve sparringpartner nog waardevoller voor ons. In het begin wisten wij bijna niets van IoT. KPN heeft ons echt een snelcursus gegeven. We konden altijd even naar onze ‘stiekeme hulplijn’ bellen als dat nodig was.”

“Natuurlijk heeft KPN in de begeleiding ook een commercieel belang, maar we merkten aan alles dat het voor KPN minstens zo belangrijk was dat het concept zou slagen”, besluit Tuinte. “Ze dachten kritisch mee over de inhoudelijke keuzes en stonden altijd voor ons klaar. Die drive en welwillendheid vanuit KPN hebben ons echt geholpen.”

Gerelateerde klantcases