HomeKPN BeleefKPN Beleef blogsDe geschiedenis van de mobiele telefoon
Labels:

Telefonie: terug in de tijd

13-04-2026
3 min
Dit jaar is het exact 150 jaar geleden dat in Boston het eerste telefoongesprek werd gevoerd. We duiken in de geschiedenis van de telefonie. Wat is er allemaal veranderd?

1860: uitvinding telefoon

De geschiedenis van de telefoon begint bij de Duitse Johann Phillip Reiss. In 1860 ontdekt hij de telefoon. Hij overlijdt echter al op veertigjarige leeftijd. De Italiaan Antoni Meucci vindt de telefoon daarna opnieuw uit. Wegens geldgebrek kan hij in 1871 geen patent aanvragen. De Schots-Amerikaanse uitvinder Alexander Graham Bell verbetert de uitvinding. In 1876 gaat hij er met het patent, en de roem, vandoor.

1876: eerste telefoongesprek

Het eerste telefoongesprek vindt in Boston plaats. Op 10 maart 1876 spreekt Bell de legendarische woorden: "Mr. Watson, come here. I want to see you." Een jaar later richt hij de Bell Telephone Company op. Dit is de basis voor het moderne telefoniesysteem. Volgens sommigen hebben we het woord bellen aan zijn naam te danken. Waarschijnlijker is dat het woord is afgeleid van de telefoonbel: het geluid van de telefoon als die overgaat.

1881: eerste telefoongesprek in Nederland

Op 1 juni 1881 opent de Nederlandsche Bell-Telephoon Maatschappij (NBTM) in Amsterdam het eerste telefoonnet van Nederland. Dat is op de zolder van Sociëteit de Groote Club op de Dam. Telefoniste mejuffrouw M. Scholten voert het eerste telefoongesprek met de woorden: “Ik verbind u door”. Er zijn 49 aansluitingen. Minstens honderd bedrijven en personen staan op de wachtlijst. Telefoonnummers hebben twee of drie cijfers.

Rond 1900: houten wandtelefoons, handmatige verbinding

De eerste telefoontoestellen zijn vrij groot en van hout. Meestal hangen ze aan de wand. Het toestel heeft een slinger. Door eraan te draaien, gaat de bel over bij de telefoniste van de telefooncentrale. De beller zegt met wie hij wil spreken en de telefoniste maakt handmatig de verbinding. Op een schakelpaneel steekt ze een kabel met stekker in de aansluiting van de persoon die de beller wil spreken.

1920 - 1940: uitvinding van de automatische telefooncentrale, oprichting PTT

In deze periode worden telefoons van (plaat)staal gemaakt. In 1925 wordt in Haarlem de eerste automatische telefooncentrale van Nederland in gebruik genomen. Voortaan kunnen bellers met een kiesschijf zelf een verbinding maken. In 1928 krijgt het Rijk het alleenrecht op het aanleggen van huistelefooninstallaties. Het is het ontstaan van de PTT: het Staatbedrijf der Posterijen, Telegrafie en Telefonie. Vanaf de jaren dertig verschijnen telefoons van bakeliet. Het is een nieuw materiaal dat makkelijk in veel vormen is te persen.

1931: eerste telefooncel op straat

Het Amsterdamse Valeriusplein krijgt in 1931 de eerste telefooncel. Het is een automatisch munttoestel op straat waar je lokaal mee kunt bellen. Deze telefooncel lijkt een beetje op de bekende Engelse rode telefooncel maar dan in de kleur beige. In 1932 ontwerpt Leendert van der Vlugt de standaard grijze telefooncel: de Rijkstelefooncel. Dit model zal ruim vijftig jaar deel uitmaken van het straatbeeld.

1940-1960: industriële productie van telefoons en standaardisatie

Na de Tweede Wereldoorlog begint het tijdperk van de standaardisatie van telefonie. Er is een enorme vraag naar telefoonaansluitingen en -toestellen. De wachttijden lopen op tot driekwart jaar. Om de belasting van het telefoonnetwerk binnen de perken te houden, wordt de abonnee dringend verzocht de gesprekken kort te houden!

1960-1980: plastic telefoontoestel, eerste model met toetsen

Rond 1960 verschijnen de eerste plastic telefoons. De PTT introduceert de T65. De T staat voor tafeltoestel, 65 voor het jaar waarin het toestel op de markt kwam. Voor veel mensen is dit hun eerste telefoon. In de jaren zeventig en tachtig belt zowat heel Nederland ermee. Begin jaren ’70 verhuist de telefoon van de gang naar de woonkamer. En daar hoort een fraaie kleur bij. De T65 is voortaan ook verkrijgbaar in rood, groen, blauw, wit en oranje.

Rond deze tijd worden computergestuurde centrales in gebruik genomen. In 1974 verschijnt de eerste telefoon met druktoetsen. Dat gaat sneller dan met een kiesschijf en zorgt voor minder fouten. Om te voorkomen dat mensen die erg handig zijn met een rekenmachine de toetsen te snel intoetsen, is de indeling anders dan op een rekenmachine. De telefooncentrale zou overbelast kunnen raken!

1980-2000: nieuwe functies door computerchips; autotelefoon en GSM

Met de komst van computerchips vanaf de jaren 80 krijgt de telefoon meer mogelijkheden. Je kunt bijvoorbeeld nummers opslaan. Of het laatstgekozen nummer herhalen door toets 1 in te drukken. In 1980 gaat autotelefonie in Nederland van start. Het eerste model is zo groot dat de zendontvanger achter in de auto wordt gemonteerd. In 1986 verschijnt de Nokia Carvox 2453 in Nederland. Dit model kun je, inclusief accu, aan een riem over je schouder dragen. In 1990 komen de eerste handzame mobiele telefoons in Nederland. De telefoon raakt los van de draad.

1989: PTT wordt KPN

Op 1 januari 1989 gaat het Staatsbedrijf der Posterijen, Telegrafie en Telefonie (PTT) verder als zelfstandige onderneming. Voortaan heet het Koninklijke PTT Nederland NV (KPN).

1992: Greenhopper (Kermit)

In 1992 lanceert PTT Telecom Greenpoint. Dit is een netwerk met 5.000 contactpunten, waar je bij onder meer postkantoren en tankstations kunt bellen. Je hebt er een speciale telefoon voor nodig: de Greenhopper. Het toestel heeft ook de naam Kermit, naar de kikker van The Muppet Show. Het is een voordelig alternatief voor het dure autotelefoonnetwerk.

1994: Gsm-netwerk

In 1994 gaat het eerste gsm-netwerk in Nederland van start. Voortaan zijn bellers altijd en overal bereikbaar. De eerste, echte mobiele gsm-telefoons waarmee PTT Telecom de markt opgaat, zijn toestellen zoals de Motorola MicroTAC. Ook wel bekend als de fliptelefoon, vanwege het klepje dat je over het toetsenbord kunt klappen.

De Pocketline Swing van 1998 is voor velen hun eerste mobiel. Het is een robuust toestel, met een schuifklepje en uitschuifbare antenne. Het is verkrijgbaar in vrolijke kleurtjes. In 1998 zijn er 3 miljoen mobiele aansluitingen.

Na 2000: sterke groei mobiele telefonie. Opkomst smartphone

Op 9 januari 2007 presenteert Steve Jobs in San Francisco de iPhone. In Nederland moeten we nog een jaartje wachten. Maar vanaf 2008 kan iedereen beschikken over deze mobiele computer, waarmee je óók kunt bellen. Deze smartphone zorgt voor een ware revolutie. We gebruiken hem voor e-mail, muziek te luisteren, social media, internetbankieren en nog veel meer. Je kunt hem ook koppelen aan een smartwatch die vanaf 2013 doorbreekt. In 2025 betalen mensen aan de kassa vaker met hun smartphone of smartwatch dan met hun bankpas.

What’s next?

Door technologische innovaties zullen smartphones steeds slimmer, efficiënter en veiliger en duurzamer worden. Ze worden dunner en kleiner worden, de schermen uitklapbaar of oprolbaar en de batterijduur langer. Slimme software en kunstmatige intelligentie (AI) zorgen voor supersnel draadloos internet voor meerdere apparaten tegelijkertijd. Het aantal toepassingen blijft toenemen.

Artikel delen
Tags
Labels: