Telefoons, masten en gezondheid

Nederland heeft in totaal 19 miljoen mobiele aansluitingen. Daar is een landelijk dekkend netwerk van basisstations met antennes voor nodig. KPN realiseert zich dat er vragen leven rond antennes voor mobiele communicatie. Daarom leggen we hier uit hoe mobiele communicatie werkt.

Als u iemand mobiel belt, zendt de antenne van uw mobiele telefoon een signaal naar een nabij gelegen basisstation. Dit station stuurt het signaal vrijwel geheel via het vaste netwerk door naar een basisstation in de omgeving van de persoon die u belt. Het laatste stukje van het basisstation naar de ontvanger gaat weer door de lucht.

Er is een film met uitleg over de mobiele verbinding. Bekijk deze film

Onschadelijke radiogolven

KPN wil dat mobiele communicatie zowel nuttig en plezierig als veilig en betrouwbaar is. Daarom houdt KPN zich strikt aan alle (inter-)nationale voorschriften, zoals die zijn opgenomen in de Telecomwet (2003). KPN neemt een ruimere veiligheidsmarge in acht dan wettelijk is vastgelegd. De blootstelling aan radiogolven die afkomstig zijn van onze basisstations is een factor 200 lager dan de (inter-)nationaal gehanteerde grenswaarden. Uit een onderzoek (PDF, 72,7 kB) van het Agentschap Telecom blijkt dat alle gemeten veldsterktes rond GSM- en UMTS-zendmasten ver onder de geldende limieten blijven. Mensen kunnen probleemloos een leven lang vlakbij basisstations wonen.

Wetenschap: geen nadelig effect op gezondheid

Verschillende wetenschappelijke autoriteiten als de Gezondheidsraad en de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) zijn duidelijk over mobiele communicatie en gezondheid:

‘Er zijn op het gebied van radiogolven in relatie tot biologische en medische effecten ongeveer 25.000 artikelen verschenen in de afgelopen 30 jaar. Ondanks de mening van enkele mensen en instanties dat er meer onderzoek zou moeten gebeuren is de wetenschappelijke kennis op dit vlak al uitgebreider dan voor de meeste chemische stoffen. Geen van de recente publicaties toont aan dat de blootstelling aan radiogolven van mobiele telefoons of antennes voor mobiele communicatie negatieve gezondheidseffecten veroorzaakt. Er blijft echter ruimte voor vervolgonderzoek’, aldus de WHO.

Ook de Gezondheidsraad bevestigt wederom dat er geen wetenschappelijke gronden zijn om aan te nemen dat lichamelijke klachten veroorzaakt kunnen worden door blootstelling aan elektromagnetische velden. Zie ook: Elektromagnetische velden (PDF, 25,3 kB). In juni 2007 heeft Minister Jacqueline Cramer van VROM het Kenniscentrum Elektromagnetische Velden en Gezondheid ingesteld. Dit platform verstrekt betrouwbare interpretaties van wetenschappelijk onderzoek en heldere standpunten over elektromagnetische velden.

Het BioInitiative rapport (augustus 2007) wordt regelmatig aangehaald in discussies rond elektromagnetische velden en gezondheid. Het BioInitiative rapport geeft aanbevelingen om de blootstellingslimieten voor elektromagnetische velden, zoals die nu in Nederland en in veel andere Europese landen worden gehanteerd, te verlagen. In september 2008 concludeerde de Gezondheidsraad in zijn advies dat het BioInitiative rapport geen gebalanceerd en objectief beeld geeft van de huidige stand van de wetenschap en dat het geen aanleiding geeft om de gangbare opvattingen over de risico’s van blootstelling aan elektromagnetische velden te herzien.